| |
Pinkstermaandag. Mijn jongste zoon Casper en ik
moeten vroeg op want we gaan naar Assen. Als wij opstaan zijn de
Zeeuwen echter al vertrokken. We hebben afgesproken op parkeerplaats
Vanenburg, langs de A28, tussen Nijkerk en strand Nulde. Als we daar
aankomen is de begroeting uiterst hartelijk. We beginnen al een echt
vriendenkluppie binnen de club te worden. Willem met zijn
onafscheidelijke shaggie, Ton met zijn even onafscheidelijke Helma,
Ido die is er ook altijd bij, Piet, stralend van trots, omdatie
morgen zijn Brera mag ophalen, (zijn 166 houdt hij, want hij wil lid
van de club blijven) en al die anderen waarvan ik de naam niet meer
weet, maar het gezicht maar al te goed! Op naar Assen! In een lang
lint van 166’s zoeven we bijna geruisloos naar de plek van
bestemming, een enkel brulpijpje daargelaten…(Willem) Plotsklaps
achter ons tumult op de girostrook! Ettelijke tientallen 156’s komen
ons met daverend geweld voorbij. Het kunnen er wel 100 geweest zijn,
waarvan enkele nauwelijks als 156 herkenbaar zijn, zo gepimpt zijn
die! Complete tupperwarebakken zijn er bij! Wij als 166club kijken
ze meewarig na. Een 166 heeft dat niet nodig, pimpen. Die is al mooi
van zichzelf. En hard rijden om indruk te maken hoeft ook al niet,
want als hij stilstaat is het al een snelle auto. Een zielepiet in
een nagelnieuwe Ferrari stuift ons voorbij, gevolgd door een spider
916. “Die werkt vast bij Kroymans, en heeft een auto van de zaak mee
mogen nemen”, denk ik, toch een tikkeltje jaloers. Op de paddock
aangekomen begint het grote genieten: Ferrari’s, Alfa’s, Maserati’s,
Lamborghini’s, maar ook piepkleine fiats 600 in racetrim. En ik kan
je melden dat dat hàrd gaat hoor!! Al die prachtige exoten, zomaar
om aan te raken, geweldig! Naar huis rijdend genieten we nog na van
alle verpletterende indrukken van die dag. De autoradio laat een
melancholiek deuntje horen. Gezongen door Leen Jongewaard, samen met
nog iemand.....
|
|