| |
“Jaap,
kom
gauw
kijken,
er
ligt
een
grote
plas
bloed
onder
je
auto!”
Ik
ben
modern,
dus
mijn
kinderen
noemen
mij
bij
mijn
voornaam.
Toch
vloek
ik
ouderwets.
Wat
nu
weer,
denk
ik,
bij
het
horen
van
deze
boodschap.
Opvoedkundig
gezien
ware
het
beter
“wat
nu
weer”
te
zèggen
en
de
vloek
te
dènken,
maar
ook
ik
ben
slechts
een
mens.
Nadere
beschouwing
leert
dat
àls
het
bloed
zou
zijn
geweest,
het
uitsluitend
bloed
van
een
robot
zou
moeten
zijn.
Olie
dus.
Rode
olie.
Hydraulische
olie.
Ik
start
de
auto
en
draai
aan
het
stuur.
Staat-ie
niet
toevallig
op
het
stuurslot?
Nee?
Dan
is
het
de
stuurbekrachtiging.
Ik
zucht,
en
vloek
nog
maar
eens
een
keer.
Als
opvoeder
ben
ik
allang
door
de
mand
gevallen
en
Daarboven
kijken
ze
van
een
krachtterm
meer
of
minder
ook
al
niet
meer
op…
De
volgende
dag
mijn
dealer
gebeld.
Kees,
de
chef-werkplaats
weet
mij
te
melden
dat
hij
met
zieken
te
kampen
heeft
en
daardoor
de
auto
niet
kan
ophalen.
“Maar
als
ik
even
tijd
heb
kom
ik
eerst
wel
kijken
om
te
zien
wat
het
precies
is.”
Aan
mijn
geestesoog
trekken
allerlei
doemscenario’s
voorbij,
van
stuurbekrachtigingspompen,
stuurbekrachtigings-reservoirs,
stuurbekrachtigingsleidingen,
en
weetikveel,
maar
één
ding
hebben
ze
met
elkaar
gemeen:
ze
zijn
allemaal
peperduur….
Om
half
vier
gaat
de
telefoon:
“Met
Kees,
kan
ik
even
langskomen?”
Natuurlijk
Kees,
niemand
is
meer
welkom
dan
jij,
althans
voor
dit
moment.
Kees
komt
“Mooi
jack,
Kees!”
roep
ik,
om
de
prijs
te
drukken.
“Dank
je,
het
is
het
nieuwste
Alfajack,
vandaag
voor
’t
eerst
aan.
Heb
je
iets
waar
ik
op
kan
liggen?”
Dat
heb
ik
en
Kees
kruipt
onder
de
auto.
Ik
zie
het
al:
slang
los!”
klinkt
zijn
stem
vanonder
de
auto.
“Heb
je
even
een
schroeven-draaier?”
Na
drie
verkeerde,
dan
toch
een
schroeven-draaier
die
genade
vindt
in
de
ogen
van
Kees.
Al
gauw
zit
de
slang
vast
en
komt
hij
weer
onder
de
auto
vandaan.
Olie
erin
en
klaar
is
Kees.
En
dan
nu
De
Vraag:
“Kostat,
Kees?”
Kees
rekent
hoofd
met
diepe
denkrimpels,
en
zegt
dan
“Geef
maar
25
euro.”
Ik
geef
30,
en
zeg
achteloos:
“laat
maar
zitten,
Kees.”
Kees
bedankt
me
vriendelijk
en
vertrekt
in
de
demo
159.
Misschien
had
ik
het
toch
moeten
zeggen,
dat
van
die
olievlek
op
zijn
rug….
|
|